Mijn eerste schreden op het terrein van de ‘verrijkte werkelijkheid’ (augmented reality)

Een paar weken geleden was ik te gast bij SURF waar edubloggers uitgenodigd waren op een bijeenkomst over de stand van zaken m.b.t. virtual reality. Naar aanleiding van de meetup vroeg ik me af wat de waarde van deze ontwikkeling kan zijn en dan met name voor het mbo. Op dit moment kunnen we in dit kader drie vormen van reality, werkelijkheid, onderscheiden. De gewone dagdagelijkse werkelijkheid, deze werkelijkheid maar dan verrijkt (augmented reality, a.r.) en de schijnbaar bestaande werkelijkheid (virtual reality, v.r.). Tijdens de bijeenkomst hebben we een paar mooie voorbeelden gezien van en ervaringen gehoord met virtuele werkelijkheid. De spelindustrie en opleidingen die zich bezighouden met toekomstscenario’s lijken de belangrijkste gebruikers te zijn. Iets voor het mbo? Mwah, het mbo leidt op voor de werkelijkheid van nu, ondanks al het geroep dat de werknemer van nu voorbereid moet zijn op de werkelijkheid van over x jaar. Maar zolang niemand echt de toekomst kan voorspellen, lijkt het me handiger de focus niet te ver weg te leggen. Ook wat de maakbaarheid is v.r. nog beperkt, althans als je zelf aan de slag wilt gaan als docent. Dat geldt niet voor a.r. Een paar jaar geleden was Layar de belangrijkste app op dit gebied, zelfs het clubblad van de ANWB had pagina’s die extra informatie leverden als je ze scande. Layar bestaat nog, maar ik ben aan de gang gegaan met Blippar. Blippar kent de Blippbuilder, waarmee je op je pc Blipps bouwt en de app waarmee je de Blipps scant.

Bij Blippar moet je een account aanvragen en kun je dus niet aanmaken. Het gratis account is, voor zover mij bekend, slechts 12 maanden geldig. Daarna ben je dus je spullen kwijt als je niet betaalt.
Continue Reading “Mijn eerste schreden op het terrein van de ‘verrijkte werkelijkheid’ (augmented reality)”

BoekTweePuntNul. Wat moet ik er mee?

Afgelopen week lag BoekTweePuntNul bij ons op de tafel. Het bleek om versie 3 te gaan. Ik heb er een tijdje mee in mijn handen gezeten, er doorheen gebladerd, hier en daar wat gelezen, maar uiteindelijk mezelf de vraag gesteld: wat moet ik hier mee? De redactie noemt het zelf een inspiratieboek, maar mij inspireert het niet, het slaat dood. Er worden 172 tools over me uitgestort, maar er wordt geen ontsluitingssysteem meegeleverd. Hoe vind ik dan mijn weg? Het is een bos met 172 bomen en ik zoek een boom die aan een aantal specifieke eisen voldoet. Hoe vind ik nu die boom? Continue Reading “BoekTweePuntNul. Wat moet ik er mee?”

NFC-tags en qr-codes

Vorig jaar schreef ik al over de geboorte van Quirine en het gebruik van qr-codes. Nog even de aanleiding:

Een van de lastigste onderdelen in het curriculum van de opleiding die ik verzorg is het onderdeel vlees. Daarin behandel ik hoe de diverse slachtdieren in elkaar zitten, waar de belangrijkste stukken vlees zitten en hoe ze heten. Al die dieren zitten dan wel op dezelfde manier in elkaar, maar die stukken heten vaak anders. Waar de runderachterpoot vele spieren en spiergroepen kent, is dat bij het varken gewoon één geheel: de ham. Voor koks dan, voor slagers ligt het weer anders. Om de leerlingen te helpen, gebruik ik verschillende tekeningen waar ze in de afbeelding de diverse onderdelen moeten aangeven. Het blijft echter een moeilijke exercitie, omdat ze zich er eigenlijk niets bij voor kunnen stellen. Grote technische delen komen niet meer in de professionele Horeca voor en bij de slager zie je eigenlijk ook niets meer. Een French rack kennen ze dan weer wel, maar als je vraagt waar het in het beest zit, kijken ze je glazig aan. Foto’s van onderdelen en filmpjes van uitbenen e.d. zijn prima materiaal om dingen te verduidelijken, dus die zet ik dan ook in.

De ervaring vorig jaar leerde mij dat de gebruikte koe te klein was, er konden maar een paar codes op geplakt worden. Na lang zoeken heb ik een exemplaar gevonden waarop voldoende ruimte beschikbaar was om de codes te plaatsen die ik nodig had.

Quirine in volle glorie
Quirine in volle glorie*

Daarnaast heb ik ook gebruikgemaakt van nfc-tags die nl. de mogelijkheid hebben om geschreven tekst uit te spreken. Op deze manier kan ik extra informatie bij sommige onderdelen verstrekken. De tags programmeer je m.b.v. apps die voor telefoons beschikbaar zijn. Voorwaarde is wel dat je telefoon nfc-tags moet kunnen lezen. De qr-codes verwijzen naar content die ik op het internet heb geplaatst, maar het zouden ook filmpjes e.d. kunnen zijn. Voor het genereren van qr-codes zijn ook diverse apps beschikbaar.

qr-code en nfc-tag
qr-code en nfc-tag*

Filmpjes gebruik ik in dit geval echter niet, omdat ze teveel tijd nemen om te bekijken en de functie van Quirine is louter de verschillende onderdelen te leren kennen en plaatsen. Maar er zijn natuurlijk veel meer toepassingen te bedenken.

DSC_0074
Onderzoekende leerlingen*

 

Onderzoekende leerlingen
Onderzoekende leerlingen*

 

 

 

 

 

De leerlingen gebruiken hun telefoon of tablets die beschikbaar zijn.

 

*Klik op de foto om te vergroten

Professionalisering in digitale didactiek

Deze week heb ik een paar werksessies verzorgd op een mbo-instituut. In het kader van docentprofessionalisering waren er werksessies georganiseerd rond het thema ict en onderwijs. Bijeenkomsten voor de beginnende docent (op ict-gebied), via mediawijsheid, smartbeamer en verder. Mijn eigen werksessie ging over wat ik zelf de kleine didactiek noem, didactiek waar ik zelf toe besluit. Mij was gevraagd specifiek in te zoomen op spelvormen om kennis in te oefenen en te memoriseren. Achtereenvolgens heb ik de volgende instrumenten kort toegelicht: foto/film in te zetten voor instructie, feedback en reflectie; qr-codes en nfc-tags voor snel toegankelijk maken en controleren van kennis; Match the Memory om memoryspellen te maken; Educaplay met de mogelijkheid om 14 verschillende spelvormen in te zetten en als laatste Onderwijsmaakjesamen waar ik een paar kruiswoordraadsels gemaakt heb.

memory

educaplay

 

 

Alles gebruik ik om het onderwijsleerproces te ondersteunen en het gebeurt hoofdzakelijk buiten de feitelijke les om. Ik heb proberen duidelijk te maken dat dit binnenstebuitenleren veel winst oplevert: oefeningen/opdrachten die je maakt zijn tot in het oneindige te herhalen en veel elementen van de kennisbasis van een vakgebied veranderen niet of langzaam. Om in mijn eigen vakgebied te blijven: een aardappel is nog steeds een aardappel en de technieken die je er op kunt toepassen zijn ook niet veranderd, zeker op niv 2 niet. Door met een paar collega’s dit aan te pakken, bouw je snel een aardige bibliotheek op. De tijd die je wint door suffe theorie niet meer uitgebreid te hoeven behandelen, komt de kwaliteit van de feitelijke lestijd ten goede.

Tijdens de werksessie gebruik ik tafelkaarten van alle toepassingen met een korte opdracht en handleiding waarmee men aan de slag kan.
Wat waren mijn ervaringen? Opvallend vond ik dat zeker 10-15% van de deelnemers absoluut niet vaardig is op een laptop en al helemaal niet op het internet. Ergens een account aanmaken leverde bij deze categorie grote problemen op. Opvallend vond ik ook de grote big-brother-angst: “Kan ik daar zomaar mijn e-mailadres achterlaten? Ik wil niet dat ze alles van me weten!” We hebben dat opgelost door een fake-account aan te maken, dat door de deelnemers waar nodig gebruikt kon worden.  Favorieten waren het memoryspel en Educaplay. De laatste waarschijnlijk vanwege de grote verscheidenheid aan spelvormen. Ook de qr-codes maakten bij een aantal enthousiaste reacties los, vooral toen ik wat meer toepassingen noemde dan ik had laten zien. De twee camera’s bleven onaangeroerd liggen. Van tevoren was ik erg benieuwd naar hoe er op de NFC-tags gereageerd zou worden en of iemand er mee aan de slag zou gaan. Voor het gros was het een volkomen nieuw verschijnsel en men weet niet dat men er zelf mee op zak loopt in de ov-chipkaart en pinpas. Maar niemand die het aandurfde om met de tags aan de gang te gaan, ook de docenten van de ict-opleiding niet. Maar misschien had niemand een geschikte telefoon.

Q dichtbij

Een uur is eigenlijk te kort om met een toepassing aan de gang te gaan, ook omdat er nog ±20 minuten af gaan voor mijn verhaal over de mogelijkheden. Al met al goede sessies gehad met leuke mensen, misschien volgende keer een sessie over een specifieke toepassing die ook direct een product oplevert. De succeservaring levert de drive!

Je moet wat, dus Linoit maar gepakt

Vorige week had ik de introductie met mijn nieuwe lesgroep. In de dagen daaraan voorafgaand tekende het zich al af: de leerlingen zouden niet ingeschreven zijn in de elo. Nu is Blackboard al sinds jaar en dag de ruggengraat van de communicatie en logistieke organisatie van alle cursusbestanden, dus een probleem diende zich aan. Na overleg met een betrouwbare onderwijsadviseur, geen BMW-rijder, koos ik voor Linoit als tijdelijk platform voor communicatie en distributie. Ik was al van plan om het dit jaar uit te proberen als vraagbaak en discussieforum dat via tablet en telefoon snel te bereiken is. Het digitale prikbord was zo gemaakt en na een tijdje uitproberen met pc en verschillende tablets leek het spul operationeel. De leerlingen hoefden geen account aan te maken, konden het prikbord bekijken en ook berichten (geeltjes) posten. Dacht ik. De introductie van Linoit leek vlekkeloos te verlopen, door het scannen van een qr-code gingen de leerlingen op het tablet  naar de website van het prikbord. Toen ik dit onderdeel wilde afsluiten, kwam de vraag: ‘kunnen wij ook berichten plaatsen?’ Oe, blijkbaar konden ze dat niet. Er was er iets met de instellingen waardoor de ‘geeltjes’ niet zichtbaar werden. Op dat moment kon ik het probleem niet oplossen. Na consultatie van de onderwijsadviseur bleek dat het niet voldoende is om iedereen toegang te verlenen, maar dat er ook een vinkje gezet moet worden bij gasten toestaan stickies te plaatsen. Waaruit maar weer blijkt dat ik recente ontwikkelingen in het onderwijs niet meer kan volgen, omdat vinkjes zetten toch een kernactiviteit is geworden.

Linoit1

Maar het leed was nog niet geleden. Omdat de leerlingen ook tekstbestanden nodig hadden, had ik die na de les als downloadbaar document op het prikbord geplaatst. De volgende dag kwam de vraag waar ze inlogcode en wachtwoord konden vinden. In eerste instantie begreep ik de vraag niet, maar na nog wat piekeren en uitproberen bleek dat je een Linoit account nodig hebt om te kunnen downloaden. Dat was dus het tweede probleem om op te lossen. Ik heb gekozen voor een openbare dropboxmap, waar ik de bestanden neergezet heb. Op het prikbord heb ik de url geplaatst. We zijn nu bijna een week verder en er wordt mondjesmaat gebruikgemaakt van de mogelijkheid om vragen te stellen of mededelingen te doen. Maar wel de eerste dag al een foto!

Linoit2