Zijn standaarden wel echt standaarden?

Het ministerie van onderwijs heeft een nieuwe Regeling standaarden examenkwaliteit mbo 2012 gepubliceerd. Met dank aan Jaap Bosman voor zijn tweet hierover. Het betreft standaarden om de kwaliteit van de examens in het mbo te waarborgen. Het document vervangt de oude Regeling uit 2009, maar is inhoudelijk niet veel gewijzigd.

Toen ik het document aan het doorlezen was, vielen me twee dingen op. Standaard 1 (er zijn er drie) Het exameninstrumentarium sluit aan op de uitstroomeisen en voldoet aan de toetstechnische eisen kent o.a. de indicator Dekking van het kwalificatiedossier. Daar wordt aangegeven dat meer dan driekwart (minimaal 76% dus) van de werkprocessen per kerntaak geëxamineerd moet worden. Dat betekent dat bij kerntaken van vijf of meer werkprocessen er één of meer niet geëxamineerd hoeven te worden. Voorbeeld: kerntaak 4 van het dossier leidinggevende keuken kent dertien werkprocessen, daarvan kunnen er dus drie komen te vervallen! Ik vind dat veel.

Bij dezelfde standaard de indicator Beoordelingswijze. In de beschrijving staat het volgende: “Het exameninstrumentarium is voorzien van een beoordelingsvoorschrift dat een zo objectief mogelijke beoordeling waarborgt. Dit betekent dat de beoordelaar de gegeven waarderingen conform het beoordelingsvoorschrift herleidbaar kan onderbouwen.” Volgens mij staat er dat je bij een gegeven oordeel, voldoende of onvoldoende, moet kunnen verantwoorden waarom het een voldoende of onvoldoende is. Recent kreeg ik een beoordelingsmodel voor een proeve van bekwaamheid onder ogen. Hierin werden  de prestatie-indicatoren uit het kwalificatiedossier  als de beoordelingspunten gebruikt. En die moesten dan voldoende of onvoldoende gescoord worden. Dat was het. Geen onderbouwing mogelijk dus. En elke prestatie-indicator telde even zwaar mee in het eindoordeel.
In januari heb ik een blogpost gewijd aan het landelijk in te voeren bpv-boek voor diverse Horeca-opleidingen. Daarin meldde ik dat er helemaal geen beoordelingspunten in staan aan de hand waarvan je kunt beoordelen; de opleider kan alleen scoren of aan de prestatie-indicator voldaan is of niet. Indien daar onvoldoende gescoord wordt, kan dus niet herleid worden waarom dat onvoldoende is. En er kan al helemaal niet herleid worden wát er beoordeeld is. Zelfde verhaal dus als het beoordelingsmodel voor de proeve hierboven. Nu wil het geval dat het betreffende bpv-boek gepresenteerd werd met de mededeling dat het inspectieproof zou zijn. Maar diezelfde inspectie is ook toezichthouder op het naleven van de standaarden. Ik kan geen andere conclusie trekken: there’s something fishy going on.

Tagged , , , .Voeg toe aan je favorieten: permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *